PAUL SEESINK ( Dordtse Rotterdammert )

de zin van het leven toont zich in de ander



Seesink in retrospectief; mijn achtergrond

'Je weet pas echt wie je bent als je je achtergrond kent.'

auteur onbekend 

 


De naam
De Spaans-Engelse oorlog is nog maar net voorbij en Maarten Harpertszoon Tromp is pas 7 jaar, als mijn stamvader Gerlich (Geert) Vogel in 1605 te Gendringen wordt geboren. Bij zijn huwelijk breekt hij met de gewoonte dat de vrouw de geslachtsnaam aanneemt van de echtgenoot. Hij  trouwt in 1630 met Derske Sesinck, gaat bij haar op boerderij Seissink wonen en neemt Derskes achternaam aan. Vanaf dat moment gaat zijn nageslacht verder door het leven met de naam Sesinck. Die naam komt in veel varianten voor in de Gelderse Achterhoek. De verschillende, inconsequente schrijfwijzes van de familienaam zouden nu als fout worden aangemerkt. De verklaring zou echter gezocht kunnen worden in een tijdgebonden eigenzinnige schrijftrant. Er zijn nog geen spellingregels.

Op oude topografische kaarten treffen we onder Varsseveld, naast boerderijen met 'Seesink' ook de naam aan in woordsamenstellingen: Het Goet Seesink, Seesincks Bosch, Seesinkmolen, Seesinkbeek, Seesinksloot en Seesinkvloetstraat.

Mijn stamgrootvader 'Joncker' Willem Vogel *1570 †1664-12-30
De voornaam van mijn stamvader Gerlich verraadt de Duitse afkomst van de familie Vogel. Zijn vader, mijn stamgrootvader, wordt geboren in het Duitse Emmerich (Niederrhein) en verhuist in 1602 naar het landgoed De Wilt in Gendringen.

Mijn oudvader Jan Seesink *1769-03-05 †1861-10-18
Dat ik Rotterdammer ben en niet in de Achterhoek ben geboren komt door mijn oudvader. Mogelijk ziet hij in de 'Franse tijd' van de Bataafse republiek geen heil meer in het leven als 'cultivateur' in de Achterhoek. Er heerst een slechte economie en een corrupt politiek systeem. In elk geval moet hij goede redenen hebben om in die woelige en armoedige tijd naar het Westen te gaan. Rond 1800 trekt Jan naar het dorp Hoogvliet. Daar voorziet Jan als timmerman in zijn levensonderhoud. Hij trouwt in Rhoon met Maria Geeve en overlijdt in Hoogvliet op 18 oktober 1861. Feitelijk ben ik dus een Rotterdammert met een westerse migrantenachtergrond.

Mijn grootvader Laurens Arnoldus Seesink *1876-03-17 †1966-06-22
Leuk detail; niet veel mensen kunnen met mij zeggen dat zij als 5,5-jarige uitgenodigd zijn bij het huwelijk en de receptie van hun opa. Nadat mijn grootvader  twee vrouwen had overleefd, trouwt hij, na een tip van zijn halfbroer, op 09 juli 1942 in Rotterdam-Zuid met Johanna Overbeek. Ik ben erbij, speel met m'n neefjes en nichtjes op het toneeltje en duvel bijna door een vloerluik.

Mijn opa kent mijn nieuwe oma nog van school. Hij gaat bij Antje wonen, in het dijkhuisje aan de Albrandswaardsedijk 211 in Rhoon. Eerder woont hij in Rotterdam en werkt o.m. als wagenbestuurder bij de Rotterdamsche Tramweg Maatschappij. De trams zijn nog met paardentractie. Rond 1905 komt de eerste elektrische tram, dus voortaan is het Rotterdamsche Electrische Tramweg-Maatschappij. Mijn grootvader ziet dat wel zitten, grijpt zijn kans en ontvangt in 1921 zijn 'aanstelling in vasten dienst'. Hij rijdt op lijn 6 van het Prinsenhoofd op het Noordereiland tot aan de Heulbrug over de Rotterdamse Schie. In 1936 krijgt hij eervol ontslag.

Mijn vader Arnoldus Johannes Seesink *1907-10-30 †1945-10-30
trouwt op 1935-05-09 met Maria Francisca Elisabeth Antonia Potters.
Beiden woonden aanvankelijk in Rotterdam-Kralingen en verhuizen na hun huwelijk naar het Noordereiland. Zij krijgen daar twee kinderen. Op 1936-12-22 wordt ik geboren en op 1939-03-28 komt mijn zus Cobi aan het licht.
Mijn vader wordt in 1939 ziek. Zoals velen krijgt hij Tuberculose. Zeven jaar brengt hij op bed door. Door die ziekte en de slechte levensomstandigheden in oorlogstijd sterft hij op zijn 38e verjaardag.

Er loopt een optocht door de tijd
De familie Seesink-van der Pluijm, twee van mijn ooms en zeker niet op de laatste plaats, mijn neef Cor; Cornelis. M. A. Seesink *1941 †2021, hebben veel genealogisch onderzoek gedaan. Dat speurwerk gaat 14 generaties terug tot aan mijn stamoudgrootvader Hubert Vogel (Voegell), *1371. Hij is in 1429 Bürgermeister von Emmerich, een hanzestad van Hertogtum Kleve.
Voor het nageslacht tekent Cor Seesink in 2013 zijn verhaal achter de Seesink-stamboom op in zijn boek 'Er loopt een optocht door de tijd'.



Aantal bezoekers die deze maand deze pagina bezochten:

 



E-mailen
Bellen
LinkedIn